comment 0

Dubbelrecensie: In het oog van de orkaan – Jan Rotmans (1/2)

Wat verbleekte bij het nieuws over de aanslag in Boston en aardbevingen in China en Iran was de uitzending van Tegenlicht vorige week over de maatschappelijke transitie. Centraal staat de visie van Jan Rotmans, hoogleraar transitiemanagement, over de kanteling van de maatschappij in Nederland en zijn boek: “In het oog van de orkaan”. In deze recensie plaatsen we Rotmans’ inzichten naast die van Tim Jackson, hoogleraar duurzame ontwikkeling en auteur van “Welvaart zonder groei”. In beide boeken staat duurzame ontwikkeling centraal.

In het oog van de orkaan

De transitie van de Nederlandse samenleving is het middelpunt van “Het oog van de orkaan”. Transitiekunde is een opkomend vakgebied en beschrijft onomkeerbare veranderingen, in dit geval van de samenleving. De transitiekunde is gestoeld op de complexe systeemkunde met invloeden uit allerlei vakgebieden (waaronder economie, bestuurskunde, systeemkunde etc.). Een transitie heeft verschillende aanleidingen en oorzaken, waarbij vooral een crisis een goede aanjager is. Vooruitlopend op de daadwerkelijke transitie vinden er allerlei veranderingen plaats. Zowel initiatieven en veranderingen van onderop (Rotmans noemt dit de ‘golf van de onderstroom’) maar ook veranderingen bij de bestaande instituties zijn een voorwaarde voor een succesvolle transitie.

Een succesvolle transitie volgt door een samenwerking van een coalitie van instabiele niches en veranderingsgezinde machten binnen het dominante regime. Voorwaarden voor een transitie zijn meekoppelende ontwikkelingen en trends (macrofactor) en maatschappelijke druk en innovatieruimte (mesofactoren). Op microniveau zijn allerlei instabiele individuele initiatieven en experimenten te onderscheiden. Rotmans bestudeert transities door middel van het ‘multi-fase concept’, een model om transities te beschrijven. Dit concept onderscheidt een voorbereidingsfase, take-off, acceleratie- en  vervolgens stabilisatiefase. De doorloop van het gehele model neemt zo’n 50 jaar in beslag. Ook worden het ‘multi-level concept’ en ‘multi-pattern concept’ beschreven, waarmee de verschillende machten van onderop en bovenaf en tussen regimes en niches worden verklaard, iets waar we in deze recensie niet verder in gaan.

Rotmans stelt het kantelpunt als het middelpunt van een transitie, het ‘point-of-no-return’. Op het kantelpunt gaan alle neuzen, van zowel regime als niches, en op macro-, meso- en microniveau naar dezelfde richting wijzen. Het einde van de 19e eeuw wordt als voorbeeld van een kantelpunt aangevoerd, het moment waarop de moderne Europese samenleving zijn startpunt heeft. Het huidige kantelpunt is vooral af te leiden uit veranderingen in de cultuur en structuur van onze samenleving. Begrippen als coöperaties, maatschappelijk belang en samenredzaamheid worden belangrijker in onze samenleving. Niet langer wordt de samenleving top-down gestuurd: netwerken en decentrale gemeenschappen bepalen meer en meer wat er gebeurd. Niet langer regisseren volgens blauwdruk, maar faciliteren en netwerken in onzekerheid en complexiteit. Bij een kantelpunt hoort een lange periode van onzekerheid, instabiliteit, chaos en overgang, die tot 20 jaar kan duren. Rotmans voert de huidige crisis aan als overgangsfase. Het oude systeem, waarop te lang op te grote voet is geleefd werkt niet langer: onbeperkt produceren en consumeren bestaat niet. De uitputting van de natuurlijke hulpbronnen komt in zicht. Daarbij wordt er sterker geageerd tegen de oude waarden van economisch rendement op de korte termijn en het streven naar groei.

De ruimtelijke ordening wordt door Rotmans aangehaald als één van de sectoren die zich in een transitie bevindt. De ruimtelijke ordening kent een aantal ‘pijnlijke systeemfouten’ waardoor de verbinding tussen mens en ruimte verdwenen is en het fundament onder de ruimtelijke ordening is weggeslagen. Argumenten als een te sterke focus op maakbaarheid, een grote bestuurlijke druk(te) en een te complex systeem van regels, wetten en belangen worden aangedragen als argumenten voor het falende ruimtelijk systeem. Tegelijkertijd wachten er grote uitdagingen als urbanisatie en klimaat-, water- en energieopgaven.

[quote]De ruimtelijke ordening is volgens Rotmans een perfect voorbeeld van waar traditionele instituties en paradigma’s botsen met de onderstroom. [/quote]

De ruimtelijke ordening is volgens Rotmans een perfect voorbeeld van waar traditionele instituties en paradigma’s botsen met de onderstroom. Op macroniveau hebben globalisering en liberalisering een sterke invloed. De maatschappij wordt complexer. Op mesoniveau vormt zich een bestuurlijke chaos. De verdeling van taken tussen de bestuurslagen is zoek, beleid is ineffectief en een wirwar aan platforms en organisaties bemoeit zich met alles. Voorbeeld van bestuurlijke drukte is de Zuidvleugel waar allerlei organisaties bij betrokken zijn terwijl niemand de leiding heeft. Op microniveau is een onderstroom ontstaan van allerlei initiatieven van alternatieve gebiedsontwikkeling zoals energiecoöperaties en regionale voedselkringlopen.

Als antwoord komt Rotmans met Gebiedsontwikkeling 3.0: een ‘duurzame gebiedsontwikkeling’ vanuit een ‘holistische, integrale benadering vanuit potentiële eindgebruikers’. In deze nieuwe vorm van gebiedsontwikkeling gaat ontwikkeling boven groei. Duurzaamheid, identiteit, en organisch ontwikkelen staan centraal. Ook het poldermodel gaat overboord: liever een diep dan een breed draagvlak. Financiering gaat over de lange termijn en niet puur vastgoedgericht. Nieuwe verdienmodellen vanuit diensten (bijvoorbeeld energiecoöperaties) moeten worden onderzocht. De overheid moet hierbij een faciliterende en stimulerende rol innemen. Rotmans beschrijft de Stadshavens Rotterdam als een voorbeeld van gebiedsontwikkeling 3.0. Ontwikkelen op het water biedt kansen om duurzame doelen te behalen en daarnaast nieuwe lange termijn verdienmodellen toe te passen, waarbij het water van toegevoegde waarde is.

‘In het oog van de orkaan’ beschrijft een serie aan ‘kantelinitiatieven’ vanuit een groeiende onderstroom. Zo komen o.a. de initiatieven in de voedselindustrie, bouwsector, ruimtelijke ordening, gebiedsontwikkeling, zorg en energiewereld aan bod. Helaas besteedt Rotmans weinig aandacht aan consistentie tussen de verschillende onderwerpen wat het lastig maakt om de verschillende initiatieven te vergelijken. De nadruk op de initiatieven zorgt ook dat het perspectief voorbij de transitie onderbelicht blijft: pas in het laatste hoofdstuk is daar aandacht voor (waarbij de auteur zich wel erg veel vrijheid veroorloofd).

Het boek is vooral een betoog over een maatschappelijke filosofie en creëert in feite een nieuwe discussie over transitiekunde. Wetenschappelijke verantwoording is dan ook beperkt aanwezig. Op momenten is het boek wat abstract en langdradig. Het eindbeeld over Nederland in 2050 mist wat realiteitszin. Daarentegen wordt de theorie van transities op eenvoudige wijze gepresenteerd en wordt de tegenstelling tussen het oude regime van bovenaf en de groeiende onderstroom  overtuigend beschreven.

[quote]Het boek is vooral een betoog over een maatschappelijke filosofie en creëert in feite een nieuwe discussie over transitiekunde. [/quote]

Laten we de transitietheorie los op de ruimtelijke ordening dan blijkt al snel dat het vakgebied nog in de beginfase van een transitie zit. Het nadenken en kritische vragen stellen over de bestaande paradigma’s staat nog in de kinderschoenen.  Van een nieuw paradigma zijn de contouren nog slechts wazig. Er is aandacht voor radicale vernieuwing zoals stadslandbouw en particulier opdrachtgeverschap, maar het overstijgt het niveau van een hype nog absoluut niet. Laat staan dat de discussie zich richt op een nieuwe rol voor de ruimtelijke professional. Tegelijkertijd dendert de transitie van de maatschappij wel voort en komt het kantelpunt steeds meer in zicht. Maar hoe ziet die nieuwe economie na dat kantelpunt er precies uit?

Die vraag probeert Tim Jackson, hoogleraar duurzame ontwikkeling, in zijn boek ‘Welvaart Zonder Groei’ te beantwoorden. Hij beschrijft de noodzaak tot een transitie naar een duurzame economie en geeft aan welke kernwaarden er zijn in die nieuwe economie.

Welvaart zonder groei van Tim Jackson neemt onze eindige planeet als uitgangspunt. Tegelijkertijd is het boek een soort aanklacht tegen het welvaartsdenken in termen van groei, bruto binnenlands product en economische waarde, omdat ecologische en sociale waarden (positief en negatief) vrijwel worden genegeerd. De stelling “meer inkomen leidt tot hogere welvaart voor alle individuen” wordt door Jackson dan ook bestreden. Typerend is dan ook de titel van het tweede hoofdstuk: “Het tijdperk van onverantwoordelijkheid”. Zowel Rotmans als Jackson benoemen maatschappelijke verontwaardiging over de huidige tijdsgeest. Rotmans ziet deze verontwaardiging echter van onderop. Jackson wijst echter duidelijk het kapitalistisch/neoliberale systeem/denken aan als schuldige en kijkt daarmee vanuit een hoger abstractieniveau naar het algehele macro economische systeem.

Morgen zal de recensie van ‘Welvaart Zonder Groei’ worden gepubliceerd.

Deze dubbelrecensie heeft dubbele auteurs: Martijn Tabak & Roy Slegtenhorst.

Leave a Reply